Outfit

Met het dragen van het uniform toon je dat je lid bent van Scouts en Gidsen Vlaanderen en verwijs je naar de waarde van de beweging. Een uniform geeft aan leden en leiding de mogelijkheid om iets gemeenschappelijks te veruiterlijken.

Het uniform bestaat uit een aantal eenvoudige stukken; het is speelkledij met plaats voor fantasie. 'Bewegingskledij' is misschien een beter woord dan 'uniform'; uitnodigendiger, creatiever, vriendelijker. 

Het basisuniform is voor welpen, kabouters, jonggidsen, jongverkenners, gidsen, verkenners, jins en leiding hetzelfde: beige hemd, groene trui, groene korte broek of rok, das (met geel lintje) en dasring, eventueel groene of beige kousen, en een riem. 
Kapoenen hebben geen voorgeschreven uniform, behalve de das met dasring. Het basisuniform is eventueel ook in kapoenenmaten beschikbaar. Welpen of kabouters kunnen een groene pet met gele biesjes dragen.

Wat moet waar? 

 

Velen dragen oude jaartekens op de rug. Landentekens van buitenlandse kampen (givers en jin) kunnen op de mouw worden geplaatst.